Dirk Depoorter

Vrijdag 6 februari
Het is weeral een jaar geleden dat we in Gambia waren. In 2025 hebben we terug veel kunnen realiseren met Gammol, dankzij al onze trouwe sponsors en Omar en Lamin ter plaatse!
We zijn afgereisd met een duidelijke agenda:
- Opvolging van de (intussen 5) Gammol scholen. Met als doelstelling stappen vooruit te zetten met het “Gammol School Committee” (GSC). Elke school is op de hoogte gebracht dat we zouden langskomen, kwestie van zich voor te bereiden.
- 2 grote waterinstallaties die 30 jaar geleden door de EU zijn geïnstalleerd terug volledig operationeel maken.
- De andere prioriteiten voor 2026 vastleggen.
- En zoals elk jaar, bijna een verplichting, een aantal nieuwe installaties bezoeken.
We landen om 19.20 u, na een korte tussenlanding in Dakar. Blij terugzien met Lamin en Omar, die ons ophalen en naar de lodge “Mama Africa” brengen.
Ensa Sanyang - Gammol School Committe
Nog dezelfde avond hebben we een eerste vergadering met Ensa Sanyang, de man die we graag coördinator willen maken voor ons school comité (GSC). Het is een comité dat als voornaamste doelstelling heeft de kwaliteit van wat er in onze Gammol scholen onderwezen wordt te verhogen. Een learning platform waar de verschillende scholen van elkaar kunnen leren.
Ensa geeft ons een stand van zaken, waaruit blijkt dat de nodige motivatie nog ontbreekt in de school in Sanchaba om actief deel te nemen aan het GSC. Uit dit 1e gesprek blijkt ook dat de prioriteiten voor onze scholen liggen in het vinden en betalen van goede leerkrachten, het verschaffen van voldoende materiaal en het opzetten van de examens. Op langere termijn denkt Ensa aan de voordelen om een gedeelde portal te hebben, naast een grotere afstemming op vlak van opvolging van de leerlingen.
Het wordt ons duidelijk dat er heel wat werk op de planken ligt om stappen vooruit te kunnen zetten met het GSC.
Zaterdag 7 februari
Faala Village

Faala Village is de eerste school die we bezoeken. Afspraak met Sainabu Jawla en Ousman Bojang (GSC-verantwoordelijken), Muhammed Faye (hoofdonderwijzer), Malang Bojang (dorpshoofd) en Isabou Jannel (leerkracht Engels) Doelstelling is te weten te komen welke hun belangrijkste noden zijn, hoe ze hun rol zien in het GSC, of er evolutie is in onderwijzen.
Heel snel blijkt dat het grootste probleem het vinden en betalen van goede leerkrachten is. De ouders van de kinderen storten een bijdrage, maar die voldoet niet altijd om een goede leerkracht te betalen. Kostprijs per maand: 8 à 10.000 Dalasi, of tussen de 95 en 115 €. Iets wat we in praktisch elke school gaan horen…
Daarnaast merken we wel het enthousiasme, zowel van de kinderen die ons welkom heten, als de leerkrachten die het doen met de middelen die ze hebben.
Andere prioriteiten: extra toilet, keuken afwerken om de kinderen een maaltijd te kunnen geven, leermateriaal, meer klassen: nu moeten ze 2 klassen samen zetten, omdat er teveel leerlingen zijn die naar de Gammol school willen komen, leraarslokaal.
In elke school leggen we ook uitvoerig uit wat de bedoeling is van het GSC, en de verantwoordelijkheid die we daar zullen leggen. We willen het GSC over de 5 scholen heen prioriteiten laten bepalen. Dat verplicht hen verder te kijken dan hun eigen school. Op basis van die prioriteiten, die het GSC dus zal bepalen, wordt budget voorzien. Dit zal een serieuze stretch zijn voor de 5 mensen die hun school zullen vertegenwoordigen in het GSC. En dit houdt eveneens een serieuze verantwoordelijkheid in.
Gammol hoofdkwartier
We gaan langs ons Gammolhuis, om de verbouwingen te bekijken die Omar heeft gedaan om het wat aangenamer te maken voor de studenten die er elk jaar verblijven. Er is nu een ommuurd terras dat ervoor zorgt dat er privacy is. Geslaagd. Wat wel moet gebeuren is het opruimen van de garage, waar veel rommel in staat.
Sanchaba School

Afspraak in de Sanchaba school met Lamin Bojang (GSC verantwoordelijke), Saikou Tijan Bojang (internal affairs responsable), Yankue Saidy (hoofdonderwijzer) en Fatoumata Jallow (onderwijzeres Engels).
Net zoals Faala is dit een Arabische school. Onze andere scholen zijn Engelse scholen. Het verschil is de hoeveelheid Engels die de studenten krijgen. Onze doelstelling op termijn is om in al onze scholen dezelfde testen te hebben, zodat het GSC dit kan opvolgen. We zijn zeker nog niet op dat niveau gekomen.
We bespreken de rol van Amanah, de Gambiaanse koepelorganisatie voor Islamitische scholen. Belangrijk voor ons is te weten dat het onderwijs hier later dezelfde kansen biedt aan de kinderen om verder te studeren.
179 leerlingen, 5 leerkrachten, waarvan 2 die Engels geven, maar slechts 1 ervan officieel gekwalificeerd. 1e prioriteit en grootste nood: teachers. Gemotiveerde leerkrachten! En Dalasi om ze beter te kunnen betalen. Want nu verliezen ze hun beste leerkrachten aan de private schools. Daarnaast ook centen om de kinderen ’s middags iets te eten te kunnen geven. 2e school die we bezoeken, maar voldoende om al een beeld te krijgen van welke de noden zijn. En het vermoeden dat dit ook in de 3 andere scholen ook het geval zal zijn.
Ook hier leggen we de doelstelling van het GSC uit. En we beseffen opnieuw dat dit geen evidente is. Uitleg wordt gegeven via verschillende invalshoeken, bovendien ook nog vertaald door Omar in het Mandinka of Wolof (lokale talen).
Wait and see... Ensa geeft ons de indruk dat hij het “door” heeft en lijkt ons goed geplaatst om hier een rol in te spelen. We zijn duidelijk nog niet op het niveau waar we wensen te zijn met de GSC. We beseffen dat het niet evident zal zijn en dat er idealiter iemand is die dit coördineert. En dit dan ook budgeteren.
Sanyang Village
Afspraak met het Village Development Committee: Botto Gaye (voorzitter), Yusupha Jassey (secretaris), en de VDC-leden.
Dit bezoek is specifiek gericht op de problemen die er zijn in hun (heel grote) community garden. Na eerst wat small talk en een dankwoord voor de extra kranen die we geplaatst hebben op hun vismarkt aan de kust, komen we tot de essentie. Een groot deel van de reservoirs die in de gemeenschapstuin staan worden niet meer gevuld met water, wegens defect systeem. We hebben hen op 10 Juni 2025 een M.o.U (memory of understanding) opgestuurd die getekend moet worden door de VDC en de Alkalo (hoofd van het dorp). Bij elke plaatsing van een installatie of gebouw stellen we zo’n contract op die de verplichtingen van alle betrokken partijen vastlegt. Acht maanden later heeft de Alkalo dit nog niet getekend. Waarop een ganse uitleg wordt gegeven, terwijl de essentie is dat de VDC en de Alkalo de bevolking (vooral hun vrouwen) in de steek laten. Ze beloven ons dat de dag erna alles getekend zal zijn!? Later zal blijken dat dit niet het geval is.
Sanyang Garden
We gaan ter plaatse kijken wat de toestand is en zien dat de reservoirs op het voorste gedeelte van de tuin inderdaad nog altijd geen water krijgen. Gevolg: vrouwen en kinderen die terug op de oude manier onzuiver water met emmers uit putten naar boven takelen. Triestig en wraakroepend om te zien, maar we hebben na al die jaren geleerd dat we voet bij stuk moeten houden om iets te kunnen veranderen aan de mentaliteit van sommige van die mannen.
Rice project
’s Avonds vergadering met Almamo Touray, verantwoordelijke voor het rijstproject die we verleden jaar zijn opgestart. Geen gemakkelijke vergadering. We moeten immers vaststellen dat het project verderzetten op basis van wat er op tafel ligt niet mogelijk is. Het struikelblok is het ontwikkelen van het land om er rijstvelden van te maken. Oude rijstvelden die ondertussen bebost zijn en moeten ontgonnen worden. Daarnaast nood aan materiaal (tractor, ploegen, waterpompen, irrigatiekanalen …). Bovendien mengt de overheid zich er mee, wat het totaalproject onbetaalbaar maakt voor ons. Er blijft hoogstens 10 à 15 hectare over waar de kosten beheersbaar zijn. En dit is dan te klein om er een zinvol project van te maken.
Momenteel zitten we wat vast, betreft dit project. Het 1e testproject dat we opgezet hadden heeft ons slechts een paar duizend € gekost, het 2e was break even, maar we willen geen risico’s nemen die onze andere projecten zouden kunnen impacteren. We vragen aan Almamo om de business case nog verder uit te werken, op basis van alle nu beschikbare gegevens, om dan te beslissen wat we ermee gaan doen.
Zondag 8 februari
Kuluro Nema

Een van de vele nieuwe projecten gerealiseerd in 2025. Een dorp van meer dan 3 000 inwoners, die in de komende jaren zal uitbreiden naar +5 000 inwoners. Het juiste aantal is altijd weer moeilijk vast te stellen. Hangt af van het aantal bewoners per compound. Ruwe schatting dus. We worden ontvangen door Edrisa Saidy (broer van de Alkalo), Abdoulle Bojang (VDC chairman), Omar Bojang (dorpsoudste), Momobou Bampha (verantwoordelijke voor de watertoren) en Isa Fanta Seyai (women’s representative).
Na de gebruikelijke dankwoorden, “first time we have pure water in our village, water is life, happiest people in The Gambia, we are going to pray for Gammol, God bless you…”, komen de vragen: herstellen van een lekkend dak van de school, toiletten voor de school, eten voor de kinderen op school, extensies voor communities naast Kuluro. Met dat laatste tonen ze wel dat ze solidair willen zijn met andere dorpen. Zelf willen ze ook investeren, als de middelen voorhanden zijn, in bijkomende leidingen in hun dorp.
Wat de school betreft: Engelse school met 300 leerlingen, 6 leerkrachten die onderbetaald zijn, op sommige maanden niet, wegens gebrek aan centen. De ouders dragen bij wat ze kunnen, maar de bijdrage voldoet bijlange niet.
Dirk bedankt hen voor hun gastvrijheid en legt de werking van Gammol uit. Waarbij hij benadrukt dat we partner kunnen en willen zijn, maar dat dit van hen afhangt. De mate waarin het dorp zelf initiatieven neemt, actie onderneemt en investeert in ontwikkeling, zoals voor het aanleggen van een gemeenschapstuin, bouwen van een marktplaats, waardoor ze middelen (lees: Dalasi) gaan krijgen, is mede bepalend voor wat Gammol doet.

Kuluro Tunjina Garden
We bezoeken de gemeenschapstuin, waar we vaststellen dat er een probleem is met de controler. Deze blijkt kapot te zijn, herstelling kost 162 000 D of +-2 000 €. Dit is geen Gammol installatie. We zeggen dat we dit willen bekijken, zonder enige belofte. Als we dit met Gammol willen onderhouden, moet er eerst een M.o.U komen met duidelijke afspraken.
Faraba Kariaba
We worden ontvangen door een uitgebreide delegatie, zo’n 25 man. In dit dorp staat één van de 2 EU projecten die we verleden jaar ook bezocht hebben en die niet meer naar behoren functioneren. Het idee waar we mee zitten is om deze over te nemen met Gammol, zodat er zekerheid van functioneren kan gegarandeerd worden. Een waterinstallatie, geïnstalleerd in 1995, met een vat van 80 000 liter, kranen met teller aangesloten in 91 compounds, 76 kranen op de straat zijn afgesloten. Reden: de installatie werkt niet meer op zonne-energie, de panelen zijn defect, maar op elektriciteit. Gevolg: enkel compounds die de elektriciteit kunnen betalen hebben nog zuiver water.
In totaal zijn er in Faraba meer dan 300 compounds. In de nabije omgeving zelfs 2 000!? Kost aan elektriciteit is 260 000 D per jaar (+-3 100 €). Ze vragen dringend hulp om de installatie te herstellen. Kost +-800 000 D (9 600 €): control box (175 000 D), pomp (400 000 D) en 20 à 25 zonnepanelen (+200 000 D). De prijs van een van onze standaardinstallaties, behalve dat het watervat hier 8 keer groter is dan dat van ons.
We willen dit bespreken met een beperkte groep, maximaal vijf man. Het kost wat moeite om de twintig anderen duidelijk te maken dat ze niet meer gewenst zijn om dit te bespreken. Reden voor ons: we weten intussen dat anders iedereen zijn mening wilt geven, waardoor we veel tijd verliezen. We komen overeen dat we de herstelling zullen doen en de waterinstallatie onder de hoede zullen nemen van Gammol. In ruil hiervoor gaan zij gedurende 4 jaar 130 000 D aan Gammol betalen (de helft van de jaarlijkse electriciteitsrekening). Dalasi die we kunnen gebruiken voor andere projecten in Gambia. Het vergt wat uitleg en tijd om hen hiervan te overtuigen, maar uiteindelijk gaan ze hiermee akkoord. Eenmaal terug thuis moet er een Memory of Understanding (M.o.U.) opgemaakt worden waar alle afspraken duidelijk in genoteerd worden. Zoals we ook doen met onze andere projecten.
Tumani Tenda
We worden ontvangen door Emoula Manga, hoofd van de VDC. Een dorp met een 50-tal compounds, met een waterinstallatie op de privé-grond van Emoula, maar wel met de belofte dat het ganse dorp er kan van genieten. Elke compound heeft een kraan, waarvoor ze 10 D/maand (12 centiem) bijdrage betalen. Hun waterinstallatie is een container van een tankwagen, ik schat zo’n 25 000 liter, die ze op betonnen palen hebben gezet. Creatief. Hoe ze het gedaan hebben is ons een raadsel. Probleem hier volgens hen: pomp is niet sterk genoeg, want de uiterste compounds krijgen geen water. En het water smaakt naar ijzer, omdat er te diep is geboord.
Ook hier vragen ze onze hulp om een nieuwe waterput te boren, minder diep, en een nieuwe pomp te plaatsen. Voor ons is het echter niet duidelijk of dat de oplossing is voor hun probleem. Eerst een vooral moeten ze werk maken van het regelmatig kuisen van hun panelen, die vol stof liggen. Daarnaast moet de kwaliteit van het water getest worden, voor en nadat het in de container terecht komt. Misschien wordt het water vervuild door de container? Tenslotte moeten ze testen of de verste compounds water krijgen als het vat gevuld is. Er heerst namelijk (en niet enkel hier) een hardnekkige gedachte dat met een krachtiger pomp de compounds (of openbare kranen) wel voldoende water zullen krijgen. Terwijl het natuurlijk de hoogte van het vat is, die de druk veroorzaakt om het water te verspreiden. Er moet dus eerst nagegaan worden of het watervat gevuld geraakt en of de leidingen wel geschikt zijn.
Als hier duidelijkheid over is, zijn we bereid hen te helpen en er eveneens een Gammol-project van te maken.

Kafuta Village
Een van de nieuwe projecten gerealiseerd in 2025. We worden ontvangen door Lamin Jadama (area chairman), Musa Kanteh (borehole manager), Lamin Bojang (Alkalo), Sheriffo Camara (village elder), Ebou Jobe (VDC chairman), Bintah Bah (regional councilor) and Nyima Kanteh (Woman’s representative), en een grote groep dorpsbewoners. En dit niettegenstaande ze zeggen dat dit slechts een beperkte groep is, omdat er een besnijdenisfeest aan de gang is.
De gebruikelijke dankwoorden worden uitgesproken, met de even gebruikelijke vraag naar meer water. Waarop wij onze gebruikelijke speech geven waar we benadrukken dat extra tussenkomsten enkel overwogen worden indien het dorp kan aantonen dat ze zelf ook actie ondernemen om stappen vooruit te zetten.





















